| Autogeschiedenis.nl | ||
Geschiedenis van het automerk AnsaldoNet zoals vele andere bedrijven moest het Italiaanse automerk Ansaldo in Genua na de Eerste Wereldoorlog met andere producten en andere markten aanboren, want aan de zware wapens waarmee deze fabriek in deze oorlog fortuin maakte kon in vredestijd niets verdiend worden. In 1919 begon Ansaldo in Turijn met de productie van automobielen. Het eerste model, de 4C, was een voor die tijd technisch moderne auto met een 1850 cc viercilindermotor met bovenliggende nokkenas. Drie jaar later volgde de 4CS met een 1980 cc motor, die 48 pk leverde. Vanaf 1924 bouwde Ansaldo ook een zescilinder, de Tipo 6A en aan het einde van de jaren twintig verscheen de sportwagen 15GS met een viercilindermotor van 1980 cc op de weg. De 15GS sportauto behaalde een topsnelheid van 130 km per uur. Aan het begin van de jaren dertig maakte Ansaldo ook naam met de Tipo 22 en Tipo 42. Deze prachtige auto was voorzien van een lange motorkap waaronder een achtcilinderlijnmotor schuil ging. Deze achtklepper leverde 86 pk. De meeste auto's van dit type werden alleen als chassis met motor verkocht. De koper kon zelf bij een carrosseriebouwer een bijpassend koetswerk naar keuze laten bouwen. Ansaldo kwam echter op het verkeerde moment met dit grote model. De auto had een wielbasis van 331 cm en was dus groot genoeg voor een zespersoonscarrosserie, maar de markt werd in die jaren zwaar bewerkt door de Amerikaanse autoindustri,. die dergelijke auto's tegen veel aantrekkelijker prijzen konden aanbieden. Na de crash van Wallstreet werd ook Europa gedompeld in een economische crisis en konden nog slechts weinigen zich een dure auto permitteren. De verkopen van Ansaldo liepen schrikbarend terug en Ansaldo besloot het bedrijf te verkopen. Via O.M. kwam Ansaldo in handen van Fiat. De autovoorraad werd echter buiten deze verkoop gehouden. Hiervoor richtte Ansaldo het bedrijf Ansaldo-Ceva op, waardoor nog tot ver in de jaren dertig oude modellen werden verkocht. |
||